Ook buitenlands gediplomeerde artsen zonder BIG willen helpen in coronastrijd

Uit het artikel van Medisch Contact:

Door Simone Paauw

Buitenlands gediplomeerde artsen die nog niet BIG-geregistreerd zijn, willen ook graag een bijdrage leveren aan de zorg voor patiënten met het SARS-CoV-2-virus. Dat zegt Nafise Ghalandari, voorzitter van de Vereniging Buitenlands Gediplomeerde Artsen (VBGA), als reactie op het advies van de KNMG aan de inspectie om tijdelijk wat soepeler om te gaan met de Wet BIG.

In het advies stelt de KNMG dat ook gepensioneerde artsen die niet meer BIG-geregistreerd zijn, onder voorwaarden moeten kunnen worden ingezet in de strijd tegen het coronavirus. De KNMG denkt dat de inzet van deze personen nodig kan zijn om levens te redden in de coronacrisis. Een KNMG-woordvoerder zegt dat de inspectie inmiddels heeft toegezegd in te stemmen met het advies van de KNMG. Daarmee hebben zorginstellingen in noodsituaties de mogelijkheid ook nog niet of niet meer BIG-geregistreerde artsen in te zetten.

Ghalandari stelt dat de VBGA graag wil bijdragen aan het vergroten van zorgpotentieel in Nederland. Ghalandari: ‘Sommigen zijn vergevorderd in de assessmentprocedure die zij moeten doorlopen om hun BIG-registratie als arts te behalen. Anderen hebben die procedure al afgerond, maar wachten nog op het begin van de coschappen die ze moeten lopen voordat ze geregistreerd kunnen worden. Anderen zijn minder ver. Veel van de buitenlands gediplomeerde artsen waren in hun land van herkomst praktiserende artsen en hun ervaring kan in Nederland worden ingezet.’

Als vereniging wil de VBGA een makelaarsfunctie vervullen tussen buitenlands gediplomeerde artsen en Nederlandse zorginstellingen, stelt Ghalandari. ‘Wij willen onze verantwoordelijkheid nemen in deze crisistijd en onze Nederlandse collega’s steunen.’

De KNMG staat positief tegenover het inzetten van buitenlands gediplomeerde artsen, die bijvoorbeeld als vluchteling in Nederland verblijven, míts zij bekwaam zijn. ‘De bestuurders van de instellingen kunnen bepalen of de mensen die zich aanbieden bekwaam zijn. In een noodsituatie moet een bestuurder dus snel bepalen of iemand de taal voldoende spreekt en bekwaam genoeg is om de gevraagde handelingen uit te voeren.’