”Hou vol! Oefen met de taal, leg contacten!”

Waar komt u vandaan en waarom heeft u ervoor gekozen om naar Nederland te komen?

Ik kom uit Australie en ben hier gekomen in verband met een Nederlandse partner.

 Wat was uw specialisme in het land van herkomst?

In Australië was ik basisarts. Daar is het verplicht om in het eerste jaar op verschillende afdelingen stages te doen inclusief Heelkunde, SEH en interne geneeskunde. In mijn tweede jaar als basisarts had ik daar de focus op critical care; SEH, intensive care en cardiothoracale chirurgie.

Wanneer heeft u de assessment procedure afgerond en met welk resultaat?

 Ik heb in juni 2018 de assessment procedure afgerond met het advies om 3 maanden onder supervisie te mogen werken voorafgaand aan een ongeclausuleerde BIG registratie.  

Wat is uw werkervaring tot op heden in Nederland?

Tijdens de assessment procedure heb ik part-time gewerkt in het medisch onderwijs (als student assistent op de snijzaal – anatomie onderwijs en als arts-docent bij het geven van onderwijs over lichamelijk onderzoek en anamnese). De salaris is heel laag, hier heb ik het niet voor gedaan, want je wordt als student betaald. Belangrijk is dat ik ook contacten heb kunnen leggen met bijvoorbeeld geneeskunde studenten om advies te krijgen over de voortgangstoets en hun manier van studeren, maar ook heb ik contacten kunnen leggen binnen het ziekenhuis via leidinggevenden.

Na het afronden van de assessment procedure heb ik gewerkt als ANIOS op de Intensive Care voor 1.5 jaar en na een jaar daar werken was ik bezig met de sollicitatie procedure voor een AIOS plek.

 Sinds iets meer dan een jaar ben ik AIOS Anesthesie.

Hoe heeft u besloten om te specialiseren in uw huidige specialisme?

Ik had al vanuit mijn ervaring in mijn eigen land interesse  in ‘critical care’ specialismen; intensive care, SEH en anesthesiologie. Ik heb meegelopen op de afdeling SEH in Nederland en mij laten informeren over de opleiding, maar vond deze opleiding inferieur aan de opleiding in Australië. Intensive care is ook in Nederland geen aparte opleiding; je kan er alleen werken als ANIOS of fellow. Anesthesiologie was daarom de meest aangewezen specialisme voor mij.

Wat zijn de aantrekkelijke kanten van uw specialisme?

Het is een specialisme dat betrokken is bij meerdere afdelingen in het ziekenhuis; op de OK, IC, SEH, verloskunde en als deel van het reanimatie team. Er is daarom veel variatie in het werk per dag, maar ook is er veel keus binnen de opleiding door de verschillende vervolgopleidingen en richtingen. 

Het is een specialisme met een combinatie van patiëntencontact (poli, pijn subspecialisme), denken (o.a. fysiologie, farmacologie), doen (handelingen zoals luchtwegmanoeuvres, lijnen plaatsen, epiduraals, perifere blokken, cardioversies) en gebruik van technologie (beademingsmachine, echo en meerdere hulpmiddelen op OK en op de afdeling).

Buiten het werk zelf is teamwerk, management en CRM een belangrijk onderdeel wat ik leuk vind.

Als u na uw immigratie naar Nederland van specialisme veranderd bent, wat waren de overwegingen om dat te doen?

 Voor mijn immigratie had ik graag voor de opleiding tot SEH arts gekozen, echter vond ik deze opleiding in Nederland inferieur ten opzichte van die in Australië. Na het meelopen op de afdeling anesthesiologie leek deze opleiding de meeste elementen te bevatten aan wat ik leuk vind aan critical care. 

Wat moet een buitenlandse arts die interesse heeft in uw specialisme doen om zijn/haar kans te verhogen voor een opleidingsplek?

Er ligt in veel centra een nadruk op wetenschappelijk onderzoek in de vorm van promoveren. Je kunt bijvoorbeeld naast het klinische werk als ANIOS ook proberen mee te doen aan een onderzoek dat loopt binnen de anesthesie.

Werkervaring op afdelingen zoals de intensive care (veel contacten met de afdeling anesthesie, zowel door opleiders en stafleden als de AIOS Anesthesie die daar stages lopen) of als ANIOS op de anesthesie. Het is belangrijk contacten te leggen binnen deze specialismen. Dus als je op de IC werkt, zullen dat met name ook contacten met anesthesioloog-intensivisten zijn.

Cursussen binnen de critical care, zoals FCCS, echogeleid prikken, ALS, ATLS, APLS

Extra-curriculaire activiteiten zoals onderwijs geven en zoals eerder benoemd, wetenschappelijk onderzoek.

Wat was de grootste uitdaging die u tegen kwam als buitenlandse arts in Nederland?

De taalbarrière; dit viel voor mij gelukkig mee omdat ik de Nederlandse taal al beheerste. Toch was het medisch Nederlands wel heel anders dan het normaal Nederlands. Ook was het heel erg wennen aan de Nederlandse manier van werken, regelgeving en alles wat voor Nederlands opgeleide artsen al vanzelfsprekend was. Hiernaast was een gebrek aan netwerk een achterstand bij de sollicitatie procedures.

Hoe heeft u deze uitdagingen zelf aangepakt?

Tijdens de procedure veel aandacht besteed aan Nederlands medische taal, door hier ook onderwijs in te geven. Ook vooraf aan het solliciteren voor een AIOS plek, als ANIOS te werken om in te komen in de taal en regelgeving. Dit was in het begin erg lastig en ontmoedigend, maar door thuis te oefenen elke dag (bijvoorbeeld met overdragen), feedback te geven en Nederlandse medische boeken en protocollen te lezen verbeterde dit langzaam.

Wat betreft het netwerk opbouwen heb ik gekozen om op de IC proberen contacten te leggen, mee te lopen en mij goed voor te bereiden op sollicitatie procedures door met collega’s te praten over wat belangrijk is en waar ik aandacht aan moet besteden om bij een specialisme een plekje te krijgen. 

Wat vindt u het leukst aan het werk als arts in Nederland?

 Er is een hoge nadruk op evidence practice.

Het hoge niveau van de zorg dat wordt geleverd.

Heeft u nog een advies voor de buitenlandse artsen die net begonnen zijn met hun carrière in Nederland?

Hou vol! Oefen met de taal, leg contacten!