De AKV toets

De algemene kennis- en vaardighedentoets (AKV-toets) betreft het eerste onderdeel van de assessment procedure die toelating geeft tot het inschrijven in het BIG-register.

Met de AKV-toets worden de volgende onderdelen getoetst:

  • Nederlandse taal en communicatievaardigheden
  • Engelse leesvaardigheid
  • Kennis van de gezondheidszorg in Nederland

Wanneer mag u de AKV-toets afleggen?

Pas nadat het door u ingevulde aanvraagformulier “verklaring van vakbekwaamheid of erkenning van beroepskwalificaties voor artsen” samen met de hiervoor vereiste documenten door Nuffic/SBB geverifieerd (gebeurt via CBGV) en door Commissie Buitenslands Gediplomeerden Volksgezondheid (CBGV) worden goedgekeurd, ontvangt u een brief met informatie over de assessment procedure en de daarbij horende toetsen. In deze brief worden de kosten voor deelname aan de AKV-toets weergegeven. Zodra de betaling is gedaan, krijgt u een uitnodiging voor deelname aan de toetsen en een unieke toegangscode. Deze toegangscode moet u invullen (naast andere persoonlijke gegevens) in het web formulier van Babel taal instituut.

 

Praktische informatie

Alle praktische informatie over de AKV-toets zelf is samengevat in de officiële brief die iedere kandidaat ontvangt voordat hij/zij mag deelnemen aan de AKV-toets. (Zie onderaan de pagina)

Er zijn twee verklaringen die gecorrigeerd en toegelicht moeten worden, namelijk het volgende:

  • Om de AKV- toets met een goed resultaat af te kunnen ronden, is beheersing van de Nederlandse taal op ten minste C1-niveau (Common European Framework of Reference for Languages (CEFR)) vereist. Dat is een hoger niveau dan het niveau van het staatsexamen NT2 II . Dat zit namelijk op B2-niveau.

  • De AKV- toets wordt afgenomen door taleninstituut Babel in Utrecht. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) beslist welk instituut de toets afneemt.

  • Ons doel:

We willen met behulp van deze pagina alle tips en adviezen op een rijtje zetten, zodat iedereen zich goed kan voorbereiden op de AKV- toets. De informatie die hier wordt genoemd is gebaseerd op onze eigen ervaring aangezien de meerderheid van ons de assessments heeft afgerond.

Je kan ook gebruik maken van de tips die andere buitenlands gediplomeerde artsen hebben gedeeld op de facebook groep van VBGA  “Buitenlands gediplomeerde artsen in Nederland”.

De AKV-toets (Nederlandse taal- en communicatievaardigheden) bestaat uit vier toetsen:

  • TOETS A: Samenvatten & Presenteren
  • TOETS B: Gesprek & Verslag
  • TOETS C: Engelse leesvaardigheid
  • TOETS D: Kennis van de Nederlandse gezondheidszorg

Toets A – Samenvatten

Opdracht: een samenvatting van een artikel maken.

De kandidaat moet een samenvatting van een artikel maken van maximaal 80 woorden. Dit artikel gaat over een algemeen medisch onderwerp.

  • Tijd: 45 minuten
  • Werkwijze: handgeschreven
  • Woordenboek is toegestaan

Tips voor samenvatting

Voorbereiding: download algemene medische artikelen van het internet (bijvoorbeeld van het nieuws, vakblad ‘Medisch Contact’) en maak er samenvattingen van 80 woorden van. Vervolgens laat je een Nederlandstalige kennis je samenvattingen controleren.

  • Je kunt met oude VWO (Nederlandse middelbare school niveau dat toegang geeft tot de universiteit) examens Nederlands oefenen, deze zijn makkelijk op internet te vinden.
  • De artikelen die je in het nieuws kan vinden lijken vaak op de artikelen die tijdens het examen verschijnen, omdat deze vaak actueel zijn. Voorbeeld van een artikel is: “Gedragstherapie helpt rug patiënten weer aan het werk”, uit NRC handelsblad. “De angst wegkijken”, NRC handelsblad (een Nederlandse krant).
  • De onderwerpen gaan meestal over algemene en veel voorkomende aandoeningen, bijvoorbeeld: stress, angst, depressie, rugpijn, kanker, overgewicht, et cetera.
  • Let op de tijd! Je krijgt maar 45 minuten om het artikel te lezen en samen te vatten. Veel mensen denken dat ze dat wel kunnen, maar vaak hebben zij nooit onder tijdsdruk geoefend. Dus oefen met het maken van een samenvatting onder tijdsdruk:
    Zet de alarmklok thuis aan op 40 minuten, dan heb je nog 5 minuten om je samenvatting te controleren. Tevens oefen je dan hoe het is om een echt examen af te leggen, omdat je ook rekening dient te houden met de tijd.

Samenvatting schrijven: wanneer je de inhoud van je samenvatting gaat schrijven, is het belangrijk dat je het systematisch aanpakt.

  1. Onderstreep de eerste zin van elke alinea, zodat je een globaal overzicht van de tekst krijgt.
  2. Schrijf de conclusie. Met de informatie van de eerste zin van elke alinea, vraag je je af waarom dit artikel is geschreven en wat voor informatie de schrijver wil geven.
  3. Schrijf de inleiding.
  4. Tel de woorden op. Heb je minder dan 60 worden geschreven? Dan probeer je iets meer woorden te schrijven in de kern. Schrijf absoluut niet meer dan 80 woorden. Indien je dit doet worden er punten afgetrokken.
  5. Je hoeft geen details te vermelden, zoals de auteur van de tekst, de datum en de naam van de krant waar het artikel is verschenen.

Toets-A : Presenteren

Opdracht: een presentatie voorbereiden en geven over het gelezen artikel.

De kandidaat moet een presentatie voorbereiden en presenteren over het gelezen artikel (hetzelfde artikel dat in de eerste opdracht ”samenvatten” werd gebruikt). De presentatie wordt gehouden voor twee Nt2-docenten, die aan het eind van de presentatie, een tot drie vragen over de presentatie zullen stellen. In de presentatie ligt de nadruk op het verhaal, niet op het geven van een medisch correcte verhandeling. 

  • Voorbereidingstijd: 30 minuten.
  • Werkwijze: Open Office Impress (vergelijkbaar met MS PowerPoint).
  • Tijd presentatie: maximaal 5 minuten en 5 minuten voor het stellen en beantwoorden van vragen.
  • Gebruik van een woordenboek is toegestaan.

Tips voor presenteren

Zorg ervoor dat je met de software kan werken: voor de presentatie wordt de software OpenOffice Impress (niet Microsoft Office PowerPoint) gebruikt. Het verschilt niet zo veel van PowerPoint).

  • We raden je aan om de software OpenOffice Impress van tevoren op je eigen computer te downloaden en ermee te oefenen. Tijdens de voorbereiding van de presentatie is iedereen altijd gespannen en dan scheelt het veel stress als je al met het programma OpenOffice Impress hebt leren werken.

Voorbereiding: maak presentaties met dezelfde artikelen waarmee je voor het onderdeel “samenvatten” hebt geoefend. Hoe beter je van tevoren hebt getraind, hoe meer zelfvertrouwen je tijdens de presentatie zal uitstralen.

  • Geef verschillende presentaties aan Nederlandstalige vrienden of familieleden. Vraag vervolgens aan hen om feedback. Als je geen Nederlandstalige vrienden hebt, kun je het beste je presentatie opnemen en daarna het een aantal keer zelf beluisteren.

Let op de tijd! Hier geldt hetzelfde als bij de samenvatting, oefen voor dit onderdeel ook thuis onder tijdsdruk.

  • Zet de wekker aan en probeer een presentatie binnen 30 minuten voor te bereiden en test of je een presentatie binnen 5 minuten kunt houden.

Presentatie voorbereiden: gebruik maximaal 5 slides. Wees kort, krachtig en doelmatig met de inhoud van de slides. De inhoud daarvan moet in topics worden geschreven en probeer niet teveel informatie op de slides te schrijven. Vergeet niet de titel van elke slide weer te geven. Download hier een voorbeeld.

  • 1e slide: de naam van het artikel, de naam van de auteur van het artikel, datum en waar het artikel is verschenen (blad of krant) en je eigen naam.
  • 2e slide: inleiding
  • 3e slide: kern boodschap
  • 4e slide: conclusie

Presentatie geven: Houd het simpel en kort, gebruik vooral geen medische termen of Engelse worden. Doe alsof je een verhaal aan het vertellen bent aan iemand die geen verstand van je beroep heeft en probeer alles duidelijk uit te leggen.

  • Stel je voor aan de beoordelaars, vertel de naam van het artikel, de naam van de auteur van het artikel en vertel kort waar het over gaat.
  • Praat rustig, duidelijk verstaanbaar en articuleer goed je worden. Straal zelfvertrouwen uit.
  • Kijk naar de beoordelaars. Kijk alleen naar het scherm als je iets wil benoemen van de slide.
  • Vergeet niet je conclusie uit te leggen.
  • Aan het eind van je presentatie, bedank je de beoordelaars voor hun aandacht en vraag je of zij nog vragen hebben.

Vragen over de presentatie: de vragen zijn vaak heel simpel en de kandidaten hebben er meestal geen moeite mee. Vergeet niet dat je beoordelaars Nt2-docenten zijn en geen medici.

  • Gebruik om deze reden geen jargon of Engelse worden.
  • Geef korte en duidelijke antwoorden, blijf bij de kern van het verhaal.
  • De docenten zullen vragen stellen naar aanleiding van je presentatie.
    De vragen worden niet alleen gesteld om te controleren of de kandidaat het artikel goed begrepen heeft, maar ook om te beoordelen of hij/zij de vragen van het publiek goed begrijpt en kan beantwoorden. Het is handig om dit van tevoren te weten zodat je de docenten als publiek kunt beschouwen.

TOETS B: Gesprek

Opdracht: een gesprek met een simulatiepatiënt voeren.

De kandidaat moet aan de hand van een casus een gesprek met een simulatiepatiënt voeren. De kandidaat en simulant beschikken over een rol beschrijving op papier, maar zij krijgen de rolbeschrijving niet van elkaar te zien. Het gesprek wordt beoordeeld door twee Nt2-docenten.

  • Voorbereidingstijd: 10 minuten (om je rol beschrijving door te lezen).
  • Uitvoeringstijd: 15 minuten.

Tips voor het gesprek

Voorbereiding: het gesprek met de patiënt is door veel buitenlands gediplomeerde artsen ervaren als één van de moeilijkste onderdelen van de AKV-toets. Daarom is het oefenen voor dit onderdeel noodzakelijk.

  • Oefen met het boek “Hoe zit het met staan?“*.

    *L.M. Bekedam, L.H.M. Palenstein Helderman-Susan. “Hoe zit het met staan?”. Uitgeverij Bohn Stafleu Van Loghum te Houten. Het boek is recent (eind 2020) opnieuw uitgegeven. Het boek bevat passages die via een link afgeluisterd kunnen worden. Luister ernaar en lees de gesprekken mee. Zo leer je hoe je op de beste manier een goed gesprek met een patiënt kunt voeren.

  • In hetzelfde boek komen ook veel uitdrukkingen voor. Schrijf de uitdrukkingen op en zorg dat je een paar uitdrukkingen kunt onthouden, hier kun je namelijk veel baat bij hebben. Wanneer je uitdrukkingen tijdens een gesprek met een patiënt gebruikt, wordt het gesprek soepeler, minder oppervlakkig of zakelijk.

  • In elk hoofdstuk van het boek “Hoe zit het met staan?” kan je de oefening “rollenspel” vinden. Oefen hiermee met een Nederlandssprekende persoon. De rol beschrijving die je voor het gesprek met de simulatiepatiënt zal krijgen, lijkt heel veel op de “rollenspellen” die in het boek te vinden zijn.

  • De klachten die vaak tijdens “het gesprek” voorkomen, zijn: psychisch gerelateerde klachten, zoals depressie; afasie of een handicap na een beroerte; buikpijn; rugpijn; hoofdpijn; overgewicht, etc.

Het gesprek voeren:

Je moet duidelijk voor ogen hebben dat het gesprek met de simulatiepatiënt dat je tijdens de AKV-toets moet voeren, niet te vergelijken is met de anamnese die we tijdens onze geneeskunde opleiding hebben geleerd.

Tijdens de toets, moet je je vooral op de beleving en de emoties van de patiënt focussen. Dat betekent dat je veel empathie moet tonen en niet alleen maar een medische diagnose moet vaststellen.

  • Je krijg een rolbeschrijving op papier, waarop de voorgeschiedenis van de patiënt en de verschillende opdrachten staan. Je krijgt meestal drie opdrachten. Het is belangrijk dat je elke opdracht goed doorleest en uitvoert. Voorbeeld: stel de patiënt gerust (dan moet je de patiënt tijdens het gesprek echt gerust stellen!!!); overtuig de patiënt ervan prednison te blijven slikken (dan overtuig je de patiënt ervan!!!); verwijs haar naar de fysiotherapeut (doe het dan gewoon).

Als er geen lichamelijk onderzoek op de rolbeschrijving staat, dan wordt dit ook niet van je verwacht.

AAN HET BEGIN VAN HET GESPREK

  • Wees beleefd: geef een hand en zeg dat de patiënt plaats mag nemen.
  • Begin het gesprek met een open vraag: “Vertelt u eens, wat kan ik voor u doen?” “”En wat zijn uw klachten?” Ook al staan de klachten van de patiënt beschreven in de rolbeschrijving, dan moet je alsnog vragen wat de klachten zijn.
  • Vraag de patiënt om de details van de klachten op te noemen. Gebruik daarvoor open vragen: Bijvoorbeeld: “Kunt u daar iets meer over vertellen?” “Wat bedoelt u daarmee?” “Kunt u een voorbeeld geven?” “Wanneer is het ontstaan?” “Wanneer wordt het erger?” “Wat doet u als u die pijn heeft?”.

TIJDENS HET GESPREK

  • Vraag naar de leefstijl van de patiënt: roken, alcohol gebruik, medicijn gebruik en allergieën.
  • Vraag hoe het in zijn of haar dagelijkse leven gaat, vraag naar de invloed van de klachten/ziekte op het dagelijks leven van de patiënt: “Kunt u boodschappen doen?”
  • Neem altijd een sociale anamnese af: “Werkt u?” “Heeft u kinderen of een partner?”
  • Vraag naar de reactie van de omgeving en op het werk: “Hebben ze begrip voor u?” “Wordt u door iemand gesteund?””Hoe reageert uw man erop?” “Wordt dat geaccepteerd?” “Heeft uw gezin daar geen moeite mee?”
  • Vraag naar de emoties van de patiënt: “Ben u daar bang voor?” “Maak u daar zich zorgen over?” “Wat zijn uw verwachtingen?” “Hoe ziet u de toekomst?”.

AAN HET EIND VAN HET GESPREK

  • Maak een samenvatting van het gesprek en vertel de samenvatting aan de patiënt;
  • Vraag of de patiënt nog vragen heeft: “Heeft u nog iets op het hart?” “Heeft u nog iets wat u kwijt wil?”
    “Zijn er nog vragen van uw kant?” “Heeft u nog iets te vragen?” “Hebben we zo alles doorgenomen?” “Ben u nog iets vergeten te vragen?”
  • Sluit het gesprek af met de opdracht zoals die in de rolbeschrijving is beschreven. Voorbeelden die kunnen voorkomen: advies geven over voeding; het belang van lichaamsbeweging; verwijzing naar de huisarts; een foto laten maken of het uitvoeren van lichamelijk onderzoek.

Vergeet niet!!! Blijf kalm, vraag rustig, luister goed naar de patiënt en probeer hem of haar niet de hele tijd te onderbreken. Toon veel empathie tijdens het hele gesprek: “wat vervelend voor u”, “dat begrijp ik”, “dat kan ik me voorstellen”, “dat is allemaal heel naar”, “wat een nare ervaring, hè?”, “daar schrik je van, hè?”. Gebruik geen jargon of Engelse woorden.

Er zijn commerciële trainingen waar je aan deel kunt nemen als je dat nodig vindt. Deze trainingen worden gegeven door verschillende partijen zoals Babel, LestBest,  en het taalinstituut van de Rijksuniversiteit Groningen. Je kan op de facebook groep pagina vragen naar ervaringen over deze cursussen.

Verslag

Opdracht: een verslag schrijven van het gesprek met de simulatiepatiënt.

De kandidaat moet een kort verslag (van maximaal 250 woorden) schrijven naar aanleiding van het gesprek met de simulatiepatiënt. In het verslag is een aantal gerichte vragen opgenomen.

  • Tijd: 30 minuten.
  • Werkwijze: OpenOffice Writer (vergelijkbaar met MS Word).
  • Gebruik van een pocketwoordenboek Nederlands is toegestaan.

Tips voor het verslag

Zorg ervoor dat je met de software kan werken: voor de presentatie wordt de software OpenOffice Writer (niet Microsoft Office Word) gebruikt. Het verschilt niet zo veel ten opzichte van Microsoft Office Word.

  • We raden je aan om de software OpenOffice writer van tevoren op je eigen computer te downloaden en hiermee te oefenen. Tijdens een examen is men vaak gespannen en het scheelt veel stress als je al eerder met het programma hebt gewerkt.

Voorbereiding: schrijf verslagen van het “rollenspel” waarmee je met een Nederlandsprekende persoon voor het vorige onderdeel “gesprek” hebt geoefend. Hoe beter je van tevoren hebt getraind, hoe meer zelfvertrouwen je tijdens het schrijven van je verslag zal hebben. Vraag vervolgens aan je Nederlandstalige kennis om feedback.

Het schrijven van het verslag: volg de instructies en schrijf op een gestructureerde manier op wat je tijdens het gesprek met de patiënt en het eventuele onderzoek hebt waargenomen.

Voorbeeld van het schrijven van een verslag:

Dit voorbeeld is gebaseerd op de tekst nummer 15 “Herseninfarct” van het boek “Hoe zit het met staan?”*, bladzijde 148 en 149.

  1. Voorgeschiedenis van de patiënt.
  2. Aanleiding voor het bezoek.
    Dhr. Van der Meulen is een zeventigjarige man. Hij heeft aan het begin van dit jaar TIA’s gehad. Vorig jaar en het jaar daarvoor was hij bij de cardioloog geweest wegens hartritmestoornissen. Hij is door de huisarts doorverwezen vanwege neurologische klachten. Deze klachten zijn ongeveer drie dagen geleden ontstaan.
  3. Welke klachten de patiënt heeft.
  4. Hoe de patiënt de toekomst ziet.
    De patiënt was wakker geworden met erge hoofdpijn.  Later bleek hij niet goed op zijn benen te kunnen staan en had hij krachtsverlies in de linkerarm. Hij was ook draaierig en hij had articulatieproblemen.  De heer Van der Meulen hoopt over twee weken weer kaart te kunnen spelen. Hij wil niemand tot last zijn, dus hij schrok niet erg van het idee van een rolstoel. Wel wil hij graag weten waar hij aan toe is en wat hij verder nog kan.
  5. Welke adviezen hebt u gegeven.
  6. Welke afspraken zijn er gemaakt.
    Ik adviseer de patiënt om weer naar buiten te gaan. Daarnaast adviseer ik hem om eventueel een rolstoel te gebruiken. Tenslotte druk ik de heer Van der Meulen op het hart aspirine te blijven slikken. Gezien de voorgeschiedenis van de heer Van der Meulen denk ik dat het om een beroerte gaat. Daarom wil ik een CT-scan laten maken en de patiënt naar de cardioloog doorverwijzen. Op grond daarvan zal ik mijn verdere beslissingen nemen.

TOETS C: Engelse leesvaardigheid

Opdracht: Engelstalige teksten lezen en vragen beantwoorden.

De kandidaat moet een aantal Engelstalige artikelen lezen en meerkeuzevragen beantwoorden. Afhankelijk van de versie van de toets duurt de toets maximaal 50 minuten of maximaal 75 minuten. Het aantal vragen bestaat uit respectievelijk 20 en 30 vragen. Dit betekent dat u ongeveer 2,5 minuut per vraag heeft om deze te beantwoorden.

De Engelse taalvaardigheid dient op het niveau B2/C1 (Common European Framework of Reference for Languages (CEFR)) te zijn. Dit niveau is vergelijkbaar met VWO6, IELTS 6.5 en TOEFL 600.

  • De toets wordt digitaal (op een computer) afgenomen.
  • Tijd: 50 minuten of 75 minuten.
  • Het gebruik van een pocketwoordenboek Engels is niet toegestaan.

Tips voor het onderdeel Engels

Voorbereiding: de opdracht lijkt op het onderdeel “lezen” van het staatsexamen Nt2 II. Het gaat dus ook om een hoog niveau. De thema’s van de artikelen variëren tussen medisch (psychologie, genetica, ethische aspecten) en niet-medisch.

  • Oefen met oude Engelse VWO examens; deze zijn gemakkelijk op internet te vinden. Je kan ook gratis je leesvaardigheden oefenen op de website van TOEFL (Test of English as a Foreign Language).
  • U kunt de voorbeeldtoets downloaden via de website van Babel: http://www.babel.nl.
  • Tip: Let tijdens de toets op de tijd. Lees eerst de vragen en zoek meteen naar de antwoorden.

TOETS D: Kennis van de Nederlandse gezondheidszorg

Opdracht: Vragen over de Nederlandse gezondheidszorg.

De kandidaat moet meerkeuzevragen beantwoorden over de Nederlandse Gezondheidszorg. Het gaat hier om veertig meerkeuzevragen over de wetgeving van de Nederlandse gezondheidszorg.

  • Tijd: 2 uur

Tips voor het onderdeel over de Nederlandse gezondheidszorg

Voorbereiding: de kandidaten kunnen zich op deze toets zeer goed voorbereiden met het volgende boek: Mackenbach, J.P., van der Maas, P.J. (eds.), Volksgezondheid & Gezondheidszorg, 4de druk. Amsterdam: Elsevier, 2008. ISBN-13: 9789035229525

  • Lees het hele boek “Volksgezondheid & Gezondheidszorg” door en oefen met alle beschikbare voorbeeldvragen. Focus op de onderstaande onderwerpen:
  • De wet Beroepen Individuele Gezondheidszorg (BIG)
  • Organisatie van de Nederlandse Gezondheidszorg
  • Ethiek in de Nederlandse gezondheidszorg
  • Cultuur van de Nederlandse gezondheidszorg
  • Het zelfstandig uitoefenen van een medisch beroep in Nederland
  • Bestudeer de samenvatting van het boek “Volksgezondheid & Gezondheidszorg” en de bijbehorende vragen die door “Bij Ons Onbekend Persoon” zijn gemaakt.
  • Je kunt eventueel om meer studiematerieel/oefenvragen over het onderdeel Nederlandse gezondheidszorg voor de voorbereiding op de AKV-toets vragen stellen via de facebook pagina.

 Algemene Tips voor de AKV-toets

  • Studeer van tevoren met een planning en laat niet alles op het laatste moment aankomen;
  • Ben jij nog nooit op de locatie geweest waar de toets zal worden afgenomen? Ga er  eens voor de toets naar toe om de weg te leren kennen en om je goed te kunnen oriënteren en voorbereiden.
  • Bel of mail het instituut waar de toets wordt afgenomen om de stand van zaken betreffende de office programma’s te vragen.
  • Neem je woordenboeken mee. Een synoniemenwoordenboek is ook nuttig voor het zoeken naar synoniemen voor het schrijven van de samenvatting.

Wijzigingen in AKV-toets

In het verleden had de AKV-toets twee onderdelen, namelijk een woordenschat toets en ICT vaardigheden. Deze onderdelen zijn vervallen en maken geen deel meer uit van de huidige AKV-toets.

Mogelijke vertragingen

Houd rekening met mogelijke vertraging van de toets data.

Zelfs nadat je een officiële brief met informatie over de assessment procedure en toetsen van het ministerie van VWS hebt ontvangen en voor deelname aan de toets hebt betaald, kan er vertraging ontstaan voor het ontvangen van de toets data.

Voorlichtingsbijeenkomst

Jaarlijks wordt door het Taleninstituut Babel voor de academische beroepen (arts, tandarts, apotheker, GZ-psycholoog, psychotherapeut en klinische fysici) een voorlichtingsbijeenkomst over de toetsen van de assessment procedure georganiseerd. Hiervoor krijgen de kandidaten die zich al hebben aangemeld bij het inschrijven in het BIG-register (aanvraagformulier “verklaring van vakbekwaamheid of erkenning van beroepskwalificaties voor artsen” ingevuld en gestuurd) een uitnodiging. De medewerkers van de CBGV zullen ook aanwezig zijn, daarom is het een mooie gelegenheid om meer informatie te verkrijgen over de assessment procedure en om vragen te stellen.